Met een verstuikte voet aan een wandeling beginnen

Gepubliceerd door Oliane op 5 februari 2016

Gepubliceerd door Liliane op 29 oktober 2015; update 5 februari 2016

Onlangs werd ik 60 jaar. Het was een lange weg die ik heb afgelegd om daar te komen. Ik kan vertellen dat mijn leven verliep als een wandelaar die zijn tocht begint met een verstuikte voet en probeert de pijn te onderdrukken en te negeren en verder te lopen. Alice Miller schrijft in Vrij van Leugens (2009) dat als iemand aan het begin van een wandeling zijn voet verstuikt anderen vroeg of laat zullen merken dat hij hinkt. Ze zullen hem vragen wat er gebeurd is en hij zal vertellen wat hij heeft meegemaakt. De anderen zullen begrijpen waarom hij hinkt en hem adviseren zich te laten behandelen. Het heel iets anders zegt zij als het gaat om de pijn van de kindertijd die een vergelijkbare rol speelt in het leven van een mens als de verstuikte voet aan het begin van een wandeling. Die pijn kun je niet ‘wegfilosoferen’ en het zal mede bepalend zijn voor de hele weg. Doorgaans met het verschil vervolgt Miller, dat niemand aandacht zal besteden aan dit feit omdat de hele samenleving in zekere zin eensgezind is met degene die pijn lijdt en die niet kan vertellen wat hem overkomen is.

Als ik naar mijn eigen leven kijk dan was de verloochening van de pijn van het begin van mijn leven noodlottig want ik verloor het moederschap en liep mijn eenmalige kostbare leven mis aan het onderdrukt houden van de pijn. Met de destructieve patronen van mijn ouders kon ik mijn kinderen geen warmte en bescherming geven en met mijn partners speelde ik de situatie na van mijn vroege verwondingen om mijzelf opnieuw daarmee te kwellen. Ik was lang vervreemd van mezelf omdat ik geen toegang had tot de emoties van de eerste jaren van mijn leven en deze pijn bleef in mij onderdrukt voor meer dan vijftig jaar. Pas de laatste jaren kan ik de pijn, wanhoop, hulpeloosheid en woede uit mijn kindertijd volledig ervaren. Ik had tientallen jaren van psychische arbeid nodig om mijn verdringing op te heffen sinds ik op een dag besloot mezelf met mijn verleden te confronteren.  

Was het een verstuikte voet geweest waar ik mee liep dan was ik vast iemand tegen gekomen die me gevraagd had wat er gebeurd was en me advies gegeven hoe ik die verzwikte enkel het beste kon verzorgen. Maar als het gaat om mijn kindertijd kan ik me niet herinneren dat iemand me ooit gevraagd heeft of ik me pijn gedaan had of de vraag gesteld of mijn ouders me wel liefde gaven. Voor mijn ouders bestonden mijn pijn, leed en mijn zorgen niet. En de mensen om mij heen hinkten allemaal. Zonder een uitzondering. De hele atmosfeer die mij omringde in mijn kindertijd werd bepaald door onverschilligheid, leugens, bedrog, gebrek aan begrip en het weigeren van contact, communicatie en empathie. In mijn grootste afhankelijkheid van mijn ouders gaven ze me het gevoel  dat ik geen persoon was en niets voorstelde. De gevoelens en behoeften van kinderen telden niet en mijn pijn moest ik onderdrukken en ontkennen vanaf de eerste dag van mijn leven. Ik heb mijzelf van kleins af aan de schuld gegeven dat ik degene was die slecht was dat ik gevoelens en behoeften had. Daarmee kon ik mijn ouders sparen en hun behandeling overleven. Want een kind moet wel geloven dat het zijn of haar eigen schuld en slechtheid is dat het geen communicatie, respect, vriendelijkheid en bescherming waard is want met de waarheid kan het kind niet leven.  

Dagen, weken, maanden en jaren van mijn leven gingen voorbij dat ik niet vanuit vreugde kon leven. Want als iemand zijn ontkenning wil opgeven heeft hij de hulp nodig van een ander mens die hem is voorgegaan de onderdrukte pijn uit zijn (of haar) kindertijd te beleven en zijn eigen ouders ter verantwoording heeft geroepen voor de pijnlijke behandeling. Wie zijn eigen pijn als kind eenmaal voelt verstaat ook de pijn van het kind dat in de ander leeft. Helaas ben ik op mijn tocht niemand tegen gekomen die me hielp de waarheid te zien zodat ik ermee kon leven en er was niemand die me hielp de wreedheid van mijn ouders te veroordelen zodat ik de kans had mijn verloochening op te geven en de als klein kind geleden verwondingen te laten helen.

Was ik echter wel iemand tegengekomen die vanuit zijn eigen voorgeschiedenis weet had van de langdurige gevolgen van emotionele verwaarlozing en mishandeling dan had deze persoon begrepen waarom het driejarige meisje dat ik was niet de bus uit wilde van een verblijf bij haar grootouders. De buschauffeur of een medepassagier zou me vriendelijk hebben aangekeken en empathie getoond met het bevestigen van mijn gevoelens ‘jij wil niet naar mama en papa hè? Want je hebt liefde nodig hè? Dan was ik niet van mijn gevoelens gescheiden en had ik aan deze woorden kracht kunnen ontlenen. Ik zou het gevoel gekregen hebben dat ik niet slecht was, me gehoord voelen en mijn eigen gevoelens begrijpen. Deze ervaring zou me geholpen hebben eerder in mijn leven mijn emotionele blokkeringen op te geven.

Ook jaren later toen ik als dertienjarige in een observatietehuis verbleef, omdat ik ongelooflijk veel moed had de jarenlange opgekropte woede en haat als reactie op de kwellingen die ik van mijn vader te verduren had openlijk te tonen. Een jeugdwerker die daar werkzaam was had mij de waarheid kunnen geven over mijn ouders die ik allang wist omdat het lichaam alle herinneringen bewaart. Maar om de emoties in woorden uit te drukken is de hulp nodig van een ander mens die de pijn uit zijn kindertijd niet verloochent. Dan was ik de daarop volgende 25 jaar niet gekweld door de schuldgevoelens van het kleine meisje dat ik eens was en had ik me verstaan gevoeld in mijn pijn en kunnen leven naar mijn eigen gevoelens, behoeften en keuzes.

Tien jaar later werd ik opgenomen op de paaz afdeling van een ziekenhuis, omdat ik alle emoties die met mijn vroeg ondergane verwondingen te maken hadden niet langer meer kon onderdrukken en mijn lichaam met een ernstige depressie reageerde. Ook daar vond ik niemand die me vroeg naar de pijn van mijn kindertijd. Van de hulpverleners was er niemand die zijn eigen geschiedenis doorvoeld had en met macht -regels, pillen en theorieën- probeerde men hun verdrongen machteloosheid met mij te compenseren. Was er iemand geweest die gezegd had dat ik niet slecht was en dat het niet aan mij lag dat mijn ouders niet liefdevol voor mij waren dan had ik toegang gekregen tot de emoties uit mijn kinderjaren. Dan had ik eerder mijn ware zelf kunnen beleven om van mijn leven te genieten. Want emoties zijn geen overbodige luxe, zoals Damasio schrijft in Descartes’ Error (1994). Het contact met onze emoties is noodzakelijk voor ons mensen om ons in het leven te kunnen oriënteren en beslissingen te nemen waarmee we onszelf en anderen geen schade toebrengen. 

Ik kwam op mijn wandeling veel hulpverleners tegen waaronder ik niemand vond die eerlijk, oprecht en meelevend was. Ik voelde me bij geen van allen begrepen want net zoals mijn ouders deden negeerden zij de nood en de wanhoop van het kleine kind en betrokken de verwondingen uit de eerste levensjaren niet in hun gesprekken. Zij hadden geen toegang tot hun eigen pijn om aan de kant van het verwonde meisje te staan. Als er iemand was geweest die me gevraagd had naar de ervaringen van mijn kindertijd dan had het kind in mij zich eindelijk gehoord gevoeld en haar tragische geschiedenis kunnen vertellen en de emotionele blokkades van de vroeg verdrongen pijn kunnen afbouwen.

Uiteindelijk had ik dat geluk met de boeken van Alice Miller waarin ze empathie toonde voor mijn ervaringen en me hielp mijn gevoelens van angst, machteloosheid, hulpeloosheid en pijn voor mezelf begrijpelijk te maken en tot rouw te komen. Ik hoef niet meer als een zombie hinkend rond te lopen zoals ik de meeste mensen om mij heen zie hinken, omdat ze in ontkenning leven over wat hun vroeg in hun leven gebeurde. Zich liever laten behandelen met pillen en met praatjes als hun lichaam om de waarheid schreeuwt en hun kinderen en kleinkinderen tot hinken brengen met dezelfde methoden die ze van hun ouders leerden en deze fatale kringloop in stand houden en dat als normaal beschouwen.  

Ik heb ervaren dat gevoelens me niet van het leven beroven als ik ze de vrije loop laat hoe hevig deze ook zijn en hoe lang ze ook kunnen aanhouden als  ze ‘getriggerd’ worden door een gebeurtenis van buitenaf. Dan zie ik weer het kleine meisje voor me dat ik was dat nooit werd waargenomen, ondersteund of aangemoedigd en haar ware zelf moest verbergen en zich niet tot expressie kon brengen. Dan komt er vanzelf weer harmonie in mijzelf, vreugde en liefde in mijn hart. Want het lichaam komt niet in opstand als we de pijn uit de kindertijd toelaten. Dat gebeurd alleen als we onze pijn onderdrukt houden en destructief is. Ik denk dat iedereen die zijn eigen geschiedenis kent, ongeacht zijn leeftijd, verbinding kan ervaren met zichzelf en uit vreugde en liefde kan leven. Ook als we ons hele leven moeten doorbrengen met mensen die de trauma's van hun kinderjaren bagatelliseren of ontkennen.   

Met deze brief hoop ik bij te dragen dat ook anderen de moed vinden zich te bevrijden van hun onderdrukte ervaringen, zodat we met onze kinderen en partners niet herhalen waar we zelf als kind onder geleden hebben om van de wandeling te kunnen genieten.        

Tags:

Picture 44.jpg

Laatste artikelen

Archief

Platform onze kindertijd © Rupz | Inloggen beheerder.