"Anyone who claims that the torture to which they were subjected in childhood was a 'good upbringing' should under no circumstances be allowed to gain power over others, let alone over entire peoples. As we have seen, such people can easily become destructive leaders."
— Alice Miller
Geert Wilders is een Nederlands politicus en partijleider van de Partij voor de Vrijheid (PVV). Namens deze partij is hij fractieleider in de Tweede Kamer. Wilders komt regelmatig in het nieuws met zijn kille, vijandige uitspraken, zoals onlangs tijdens een verkiezingscampagne in Den Haag. Hij vraagt daar zijn aanhangers of zij "meer of minder Marokkanen" willen, om na het scanderen van "minder, minder" te antwoorden dat hij dat gaat regelen. Deze uitspraak zorgt voor grote ophef en commotie in Nederland. Premier Mark Rutte verklaart dat de uitspraken hem "een vieze smaak in de mond" geven en sluit toekomstige samenwerking met de PVV uit zolang de uitspraken niet worden teruggenomen.
Ik voel mij ongelukkig en bedroefd door de uitlatingen van Wilders en de woorden van Rutte, omdat deze vorm van communicatie, van taal, zo vervreemdend en niet verbindend is en mensen niet nader tot elkaar brengt. En het zijn deze mensen die het land besturen en die met hun uitspraken de indruk wekken dat zij zich nauwelijks bewust zijn van deze verantwoordelijkheid en wat er met hun uitlatingen gebeurt. Zij zouden hun positie juist kunnen gebruiken om communicatie vanuit het hart, respect en empathie te stimuleren en de krachtige werking daarvan te benutten voor hun werk. Geweldloze communicatie zou tot de grondbeginselen moeten behoren van de ontwikkeling van de rechtsstaat. Daarvoor is nodig dat mensen emotioneel met zichzelf in contact staan voordat zij aan deze belangrijke taak beginnen. Dat zij hun ware gevoelens en behoeften kennen en verwoorden op een manier waarop zij anderen niet schaden.
Want als Wilders in staat is empathisch contact met zichzelf te maken en kan inzien welke behoeften van hem niet vervuld zijn, dan komt hij vanzelf tot het emotionele inzicht dat hij met zijn woorden en gedrag vlucht voor de pijnlijke, verdrongen herinneringen aan de vroeger ondergane minachting toen hij nog een kleine jongen was en geen respect kreeg van zijn ouders voor zijn waardigheid. Het is deze minachting namelijk die manifest wordt in vreemdelingenhaat, in allerlei frustraties jegens gedragingen van anderen of groepen mensen in de samenleving zoals Marokkanen. De teleurstelling van het kind Geert dat werd afgewezen om wie hij was, herhaalt hij in dezelfde vorm als waarin hij ooit zelf werd afgewezen. Helaas wil niemand dat weten.
Als Rutte (en anderen) met vriendelijkheid, mededogen en begrip op Wilders' woorden zou kunnen reageren, zou Geert in zijn emoties en gevoelens zich misschien eindelijk verstaan voelen en kan hij zijn gevaarlijke minachting stoppen. Maar Rutte kan niet meevoelen met het gekwetste jongetje dat in Wilders leeft, omdat hij dat ook niet met zichzelf kan. Want om mededogen te kunnen tonen, is empathisch contact met zichzelf beslist nodig. Zijn reactie is een uitdrukking van een onvervulde behoefte uit zijn eigen kindertijd, waarin er ongetwijfeld een gebrek was aan mededogen en empathie voor de ware gevoelens en behoeften van het kind Mark. Hoe kan een politiek leider van een land bijdragen aan vrede, harmonie en verbinding als hij niet in contact staat met zijn ware zelf en lege woorden spreekt zoals een ‘vieze smaak krijgen’ en ‘politiek willen isoleren’, waarmee hij niets zegt over zijn eigen gevoelens en behoeften?
Wanneer hij onder woorden brengt hoe hij zich voelt bij de woorden van Wilders en waar hij behoefte aan heeft – dat het hem pijn doet en bedroefd maakt omdat hij zulke heel andere ervaringen heeft met mensen van andere bevolkingsgroepen, en dat hij behoefte heeft aan respect en empathie voor het van belang zijn van de ander – dan kan de bevolking daar waarachtig van leren hetzelfde te doen. Het uitspreken van gevoelens en behoeften, en het in verbinding brengen daarvan met de onvervulde behoeften uit de kinderjaren, helpt om te kijken naar de achterliggende oorzaken van het oordelen, verwijten en het tekort aan empathie. Want pas als mensen hun ware behoeften achterhalen, is de kans dat ze leren van hun fouten veel groter.
De woorden van Wilders zijn een ongelukkige, gemaskeerde uitdrukking van behoeften die niet vervuld zijn, en dat geldt ook voor de woorden en reacties van Rutte. Bij beiden ontbreekt het vermogen tot inzicht en medeleven. Want pas als iemand zijn eigen lot als kind in vol bewustzijn en met de pijn doorvoeld heeft, voelt hij sneller een ander aan en tast hij niet in het duister over de ware motieven van de ander. In de hele nutteloze, dwaze bespreking van dit gebeuren in de media valt mij op hoe de kindertijd door politici en de hele bevolking verloochend wordt en geheel buiten de discussie blijft. Terwijl de onderdrukte woede van het kleine kind Geert over het geminacht zijn door de aanhangers herkend en gedeeld wordt op dezelfde manier waarop Hitler zijn aanhangers kreeg. Zij zien in Wilders hun eigen vader, die zijn aanhang nodig heeft om alsnog wraak te kunnen nemen omdat hij deze nooit bewust beleefd heeft.
Alice Miller schrijft op bladzijde 103 van Het drama van het begaafde kind (1997): "...mensen die bereid zijn hun geschiedenis uit het duister van het vergeten op te graven, zullen ook andere mensen de moed geven zo'n stap te wagen, en door hun ontwaakte bewustzijn meer licht en helderheid in de duisternis van de tegenwoordige 'politiek' kunnen brengen dan tot dusver mogelijk was.
Tags:

Laatste artikelen
Een poging me de mond te snoeren
Hoe het verlies van mijn harige vriend herinneringen triggerde van het hele kleine kind in mij
Brigitte Oriol’s ontmoeting met Alice Miller
Klara's poging tot eerherstel